Onderhoud en gebruik van meetinstrumenten

Elke installateur en onderhoudsmonteur maakt gebruik van meetinstrumenten. Een nieuwe installatie moet optimaal te worden afgesteld of gecontroleerd op een goede werking. Een bestaande installatie ondergaat een periodieke controle of werkt niet goed:  en een persoon die terzake kundig is stelt eerst het probleem vast dient te worden vastgesteld voordat het verholpen kan worden. In deze situaties moet de monteur dienen goede metingen te worden verrichten.

Welk instrument?

De keuze van een instrument lijkt vaak eenvoudig. Er wordt een instrument aangeschaft dat de juiste grootheden meet, zoals druk, temperatuur, gasconcentratie, spanning of stroomsterkte. De meting wordt verricht en aan de hand van de aangegeven meetwaarde worden conclusies getrokken. Er zijn echter een aantal zaken waarmee rekening moet worden gehouden. Het is verstandig een instrument te kiezen met een meetbereik en nauwkeurigheid die passen bij de werkzaamheden. Daarnaast dient het toestel gebruiksvriendelijk en betrouwbaar te zijn. De belangrijkste overweging bij de aanschaf van een meetinstrument is echter meestal de regelgeving die van toepassing is bij de meting. Een onderhoudsmonteur die gasdruk wil meten bij een cv-installatie dient te werken volgens de NEN-EN 50379:2004 deel2. In deze norm staan de meetmethodiek en de eisen waaraan de meetinstrumenten dienen te voldoen uitgebreid omschreven. Indien het gebruikte meetinstrument wordt gebruikt voor een selectieve meting en niet is gecertificeerd volgens deze norm, kan de onderhoudsmonteur in de problemen komen als hij aansprakelijk wordt gesteld voor schade. Het is aan te raden u goed te laten adviseren door een meetinstrumentenleverancier met een goed productenpakket, kennis van zaken en de juiste faciliteiten.

Aansprakelijkheid

De persoon die als laatste onderhoud heeft gedaan bij een installatie is aansprakelijk voor de juiste werking. Indien de installatie niet goed functioneert of er zelfs onverhoopt sprake mocht zijn van een calamiteit, dan wordt het installatie- of onderhoudsbedrijf vaak aansprakelijk gesteld. Dit bedrijf dient vervolgens aan te tonen dat de werkzaamheden volgens de geldende regels en binnen de specificaties van de fabrikant van de installatie zijn verricht. Hiervoor dienen de juiste meetinstrumenten te zijn gebruikt, meetrapporten beschikbaar te zijn met de juiste meetwaarden en dient de nauwkeurigheid en betrouwbaarheid van de metingen aantoonbaar te zijn door middel van kalibratiecertificaten. Als aan al deze eisen is voldaan kan de aansprakelijkheid worden doorgegeven aan een andere partij, zoals bijvoorbeeld de fabrikant van de installatie.

Technologische ontwikkelingen

Toepassing van nieuwe technologie in meetinstrumenten moet ten goede komen van de duurzaamheid, nauwkeurigheid, snelheid, functionaliteit of het milieu. Een goed voorbeeld hiervan is toepassing van een aanraakgevoelig navigatieveld in combinatie met een TFT kleurendisplay. Hierbij is niet voor elke functie van het meetinstrument een afzonderlijke knop aangebracht, maar wordt het toestel bestuurd door iconen in het display, die worden geactiveerd door er naar toe te navigeren. Indien de fabrikant van het meetinstrument nieuwe applicaties beschikbaar stelt, kan de eigenaar van het meetinstrument nieuwe firmware downloaden en in het toestel installeren. Hierdoor verschijnen nieuwe iconen en menu’s in het display waarmee de nieuwe functionaliteit kan worden aangestuurd. Een recente toepassing is de automatische drukdalingsproef bij een drukverschilmeter. Hierbij telt het instrument een door de gebruiker ingestelde tijdsinterval af, waarna de drukdaling over deze interval wordt weergegeven. Deze applicatie is ideaal voor de lekdichtheidsbeproeving bij gasleidingen. Een ander voorbeeld is de ontwikkeling van ECO-sensortechnologie. Deze technologie biedt een langere gebruiksduur van sensoren in rookgasanalysers. Hierdoor is vervanging van deze sensoren veel minder vaak nodig wat zowel de onderhoudskosten voor de gebruiker als het milieu ten goede komt. Daarnaast worden bij de fabricage van ECO-sensoren materialen gebruikt die het milieu minder zwaar belasten.

Communicatie

Steeds vaker worden moderne communicatieprotocollen toegepast bij meetinstrumenten. In het verleden beperkte dit zich vaak tot een RS-232 poort, maar tegenwoordig is het gebruik van infraroodtechnologie (IrDA), USB en zelfs draadloze Bluetooth® communicatie veel gezien. Omdat naast directe aflezing van meetresultaten de opslag van meetrapporten steeds belangrijker wordt, zijn meetinstrumenten steeds vaker voorzien van een intern geheugen. De opgeslagen meetresultaten kunnen dan met één van de bovengenoemde communicatieprotocollen naar een (laptop) PC, PDA of losse printer worden getransporteerd. Soms kan de opslagcapaciteit van een laptop worden gebruikt om meetresultaten gedurende langere tijd te loggen. Een andere toepassing van communicatie is het leggen van een verbinding tussen een meetsonde en de bedienings/uitleeseenheid. Een voorbeeld hiervan is de BLAUWE LIJN® Klima Check 100. Dit is een kleine opnemer voor luchtsnelheid, luchthoeveelheid en temperatuur in ventilatiekanalen. Via een draadloze Bluetooth® verbinding wordt contact gemaakt met de EUROLYZER STe, die de meetresultaten weergeeft op het display. Dit geeft de gebruiker een ongekende mate van bewegingsvrijheid omdat zich geen slangen en draden tussen de opnemer en de uitleeseenheid bevinden.

Onderhoud en kalibratie

Een meetinstrument heeft onderhoud nodig om goed en betrouwbaar te blijven functioneren. Sensoren en accu’s zijn aan slijtage onderhevig en dienen tijdig vervangen te worden. Sommige meetinstrumenten maken gebruik van verbruiksonderdelen, zoals filters die schoongemaakt of vervangen moeten worden om een goede werking van het instrument te kunnen handhaven. Door temperatuurs wisselingen of een val van het instrument kunnen (slecht waarneembare) defecten ontstaan die de werking beïnvloeden. Periodiek onderhoud is dus een pré. Het instrument wordt gecontroleerd en indien nodig wordt actie ondernomen. Daarnaast is kalibratie van een meetinstrument belangrijk als het instrument wordt gebruikt voor selectieve metingen. Dit zijn metingen waarbij het meetresultaat gebruikt wordt om een oordeel over de staat van een installatie te vellen. Dit in tegenstelling tot indicatieve metingen waarbij de aanwezigheid van een grootheid wordt vastgesteld en de exacte meetwaarde niet van belang is. Als een meetinstrument wordt gekalibreerd worden de meetresultaten vergeleken met een internationale standaard, waarna de afwijkingen van het instrument worden gerapporteerd. U kunt als eigenaar of gebruiker van het meetinstrument de geconstateerde afwijkingen aflezen op het kalibratiecertificaat en deze gebruiken om de nauwkeurigheid van uw metingen aan te tonen in het geval dat u aansprakelijk wordt gesteld. Als tijdens de kalibratie wordt geconstateerd dat de meetwaarden buiten de specificaties vallen kan het instrument worden gejusteerd. Hierbij wordt het toestel bijgeregeld, zodat de meetwaarden zo goed mogelijk binnen de specificaties vallen. Hierna moet natuurlijk een nieuwe kalibratie worden verricht. Voor service en kalibratie van een meetinstrument is specifieke kennis, onderdelen en software nodig. Hierdoor is het zeer belangrijk dat het onderhoud wordt uitgevoerd door een partij die beschikt over deze middelen. Deze worden over het algemeen aangeduid met de term: Geautoriseerd Service Centrum.

Meer weten over Meten en meetinstrumenten? Bekijk hier onze opleiding (PIT1)  

Bron: euro-index.nl

Deel dit artikel

Wellicht ook interessant