Veilig werken met ioniserende straling

In Nederland hebben ongeveer 50.000 werknemers te maken met ioniserende straling. Te veel ioniserende straling kan ernstige gezondheidsschade veroorzaken, daarom is werken met deze straling aan strikte regels gebonden.

Ten eerste moet er onderscheid gemaakt worden tussen natuurlijke- en kunstmatige straling. De aarde staat continu bloot aan straling uit de kosmos. Geladen deeltjes van de zon en andere sterren reageren met de atmosfeer en het magnetisch veld van de aarde en veroorzaken zo een stortregen van straling. Daarnaast is er ook sprake van aardse straling, door natuurlijk voorkomende isotopen van bijvoorbeeld uranium. Natuurlijke ioniserende straling zoals hierboven wordt omschreven, heeft meestal een veel lagere intensiteit dan de kunstmatige ioniserende straling, waarmee in de gezondheidszorg of industrie wordt gewerkt.

Wie werkt met ioniserende straling

Ioniserende straling wordt in de industrie veel toegepast in bepaalde meet- en regelapparatuur, maar is vooral bekend uit de gezondheidszorg; met name werknemers van de röntgenafdeling, nucleaire geneeskunde en radiotherapie hebben te maken met ioniserende straling. Maar ook luchtvaartpersoneel staat regelmatig bloot aan uit de ruimte afkomstige, kosmische straling. Uiteraard lopen ook werknemers in de nucleaire sector (zoals in kernreactoren) relatief meer kans om aan straling te worden blootgesteld.

Stralingsbescherming

Waar ioniserende straling kan worden voorkomen, moeten werkgevers beschikken over een inventarisatie van de gevaren en de werkplekken zo inrichten dat het gevaar tot een minimum wordt beperkt. Bedrijven die gebruikmaken van ioniserende straling, hebben een vergunning nodig of moeten in bepaalde gevallen de toestellen melden. Als er een kans bestaat op blootstelling aan ioniserende straling, geldt het Besluit Stralingsbescherming (BS), dat deel uitmaakt van de Kernenergiewet. Uitgangspunt is dat er alleen met ioniserende straling gewerkt mag worden als dit gerechtvaardigd is. Dat betekent dat er geen alternatieven voorhanden zijn en dat de voordelen voor mens en maatschappij groter moeten zijn dan de nadelen. Indien het gerechtvaardigd is om ioniserende straling toe te passen, dan dient de straling altijd zo laag mogelijk te zijn. De wetgeving hanteert limieten die in geen geval overschreden mogen worden.

Medisch toezicht

Voor mensen die met ioniserende straling werken, geldt een maximale effectieve dosis van 20 millisievert (mSv) per jaar. Voor zwangere vrouwen is dat maximaal 1 mSv tijdens de zwangerschap.

  • Categorie A-werknemers: werknemers die bloot kunnen staan aan een stralingsdosis hoger dan 6 mSv per jaar, krijgen een aanvangskeuring en worden periodiek onderzocht door een stralingsarts.
  • Categorie B-werknemers: werknemers die bloot kunnen staan aan straling tussen de 1 en 6 mSv per jaar. Voor deze werknemers geldt geen verplicht medisch onderzoek. Hieronder valt bijvoorbeeld cabinepersoneel op intercontinentale vluchten.

Belangrijke maatregelen

De belangrijkste maatregelen die werkgevers moeten maatregelen treffen om hun werknemers zo veel mogelijk te beschermen tegen ioniserende straling, zijn:

  • Vergroten van de afstand tussen werknemer en de stralingsbron
  • Beperken van de blootstellingstijd
  • Afschermen van radioactieve stoffen of (röntgen)apparatuur
  • Aanbrengen van waarschuwingssymbolen
  • Dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen (zoals loodschorten en loodhandschoenen)
  • Zorgen voor juiste en voldoende ventilatie (bij open radioactieve stoffen).

Bron: Rijksoverheid.nl