Verbetering veiligheid door aanpassing gedrag

Het verbeteren van veiligheidsprestaties begint met het aanpassen van de bedrijfscultuur en het gedrag van de medewerkers. De juiste omstandigheden moeten worden gecreëerd en de leidinggevende moet beginnen met het geven van het juiste voorbeeld. Alleen dan zullen ondergeschikten hopelijk ook het juiste gedrag laten zien. Maar om gewenst gedrag te stimuleren en ongewenst gedrag te stoppen, is het noodzakelijk om de cultuur en het gedrag binnen een organisatie eerst te meten. Dit kan aan de hand van de ABC-methode. Door middel van inspecties, audits en inventarisaties kunnen risico’s en oplossingen in kaart worden gebracht.
 
ABC-methode
Iemands gedrag wordt veroorzaakt door bepaalde prikkels. Consequenties kunnen dit gedrag vervolgens remmen of versterken. Om gedrag te kunnen veranderen, is het belangrijk dat bestaand gedrag eerst wordt gemeten. Hiervoor kan de ABC-methode worden ingezet: Antecedent (prikkels), Behaviour (gedrag) en Consequences (consequenties)

  • Prikkels: voorbeelden van antecedenten zijn bijvoorbeeld een verkeerslicht op straat, een flitspaal, een procedure of een gedragsregel. Dit zijn zaken die iemand prikkelen om iets wel of niet te doen.
  • Gedrag: iemands gedrag is actief, specifiek, waarneembaar en meetbaar. Gedrag is dus te specificeren: iemand heeft zijn werk niet op de afgesproken tijd af en ingeleverd.
  • Consequenties: consequenties zijn gekoppeld aan antecedenten. Wanneer iemand voor een rood stoplicht staat en toch besluit om over te steken, is de negatieve consequentie een boete of een aanrijding.

Consequenties hangen samen met antecedenten. Ze zorgen ervoor dat iemand iets wel of niet doet. Een antecedent verliest aan kracht als er geen consequentie aan is gekoppeld. Als iemand bijvoorbeeld door een rood stoplicht loopt, dan riskeert hij bij een negatieve consequentie een boete of zelfs een aanrijding. De positieve consequentie is dat hij tijdswinst boekt, geen geld kwijt is aan een boete bij het ontbreken van de politie en geen aanrijding krijgt als er geen verkeer is. Bij een drukke weg, waar altijd verkeer is en waar veel gecontroleerd wordt, zal iemand minder snel door een rood stoplicht rijden. De negatieve consequentie is dan dichtbij en zeker. Prikkels zijn slechts voor een klein deel verantwoordelijk voor iemands gedrag. Het gaat vooral om de consequenties die aan prikkels vastzetten die iemand meeweegt in zijn beslissing om iets wel of niet te doen.
 
Consequenties beïnvloeden gedrag
Bij de keus om iets wel of niet te doen is het dus belangrijk dat iemand weet wat de consequenties zijn van een bepaalde beslissing. Zo weten we eigenlijk allemaal dat roken het risico op kanker vergroot. Maar of je daadwerkelijk kanker krijgt, is onzeker en ligt in de toekomst. Deze consequentie is vrij zwak en zal er niet snel voor zorgen dat iemand stopt met roken. De positieve consequenties liggen namelijk dichterbij: het roken van de sigaret geeft diegene direct een zeker genot en voor die persoon is dat een direct en positief resultaat. Dit versterkt het gedrag. Effectieve consequenties houden het gedrag in stand en versterken het, negatieve consequenties of het ontbreken van positieve consequenties zorgen ervoor dat gedrag wordt afgeremd.
 
Gewenst veiligheidsgedrag
Er zijn dus zowel positieve als negatieve consequenties. Maak je voor het behoud van je veiligheidscultuur gebruik van consequenties? Zorg er dan wel voor dat je geen uitzonderingen maakt of afwijkt van de zwaarte van de consequentie. Hierdoor zullen medewerkers alsnog ongewenst veiligheidsgedrag vertonen. Dan handelen ze namelijk vanuit ervaring en die toont aan dat de negatieve consequenties niet per se voor hen hoeven te gelden. Als organisatie wil je je veiligheidscultuur hier natuurlijk niet op baseren. Wil je meer weten over veiligheid? Bekijk dan de opleidingen van NCOI Techniek op het gebied van Veiligheidskunde.
 
Bron: Arbeidsveiligheid.net 

Deel dit artikel

Wellicht ook interessant