Een handleiding voor gasdetectie

Gassen en dampen kunnen gevaar opleveren. Ze kunnen giftig zijn, maar ook brandbaar. Om veiligheid te kunnen garanderen is het raadzaam te onderzoeken wat de samenstelling is van de lucht in een bepaalde omgeving. Dit heet een gasdetectie. 

Bij een gasdetectie bepaal je wat de hoeveel gas en zuurstof is met behulp van een meetinstrument. Dit instrument waarschuwt bij dreigend gevaar. Hieronder lees je alles over wat veilige en onveilige waarden zijn.

Samenstelling lucht

Dit is de samenstelling van ‘normale’ lucht:

Buitenlucht:

Zuurstof

20,9%

Stikstof

78,1%

Sporen edelgas

± 1% zoals:

Argon

0,9325%

Kooldioxide

0,03%

Waterstof

0,01%

Neon

0,0018%

Helium

0,0005%

Krypton

0,0001%

Xenon

0,000009%

Uitgeademde lucht:

Zuurstof

± 17%

Stikstof

78,1%

Kooldioxide

± 4%

Sporen edelgas

± 1%

Zuurstof detectie

Een mens heeft 20,9 procent zuurstof nodig om normaal te kunnen ademen. Zit er minder zuurstof in de lucht, dan leidt dit tot ademnood en uiteindelijk tot verstikking. Bij een hoger percentage zuurstof zullen andere materialen/brandstoffen sneller ontsteken en veelal ook sneller oxideren.

Zuurstofpercentage en het effect op mensen:

> min. 19,5%

Nodig om normaal te ademen

> 14 - 19,5%

Dreigend gevaar, zoek direct een veilig heenkomen

> 12 - 14%

Diepere ademhaling, verhoogde pols en slechte coördinatie.

> 10 - 12%

Ademhaling sneller en ondiep, duizelig, desoriëntatie en blauwe lippen.

> 8 - 10%

Misselijkheid, overgeven, bewusteloos en lijkwit gezicht.*

> 4 - 8% In coma in 40 seconden, stuiptrekkingen, ademhaling stopt, dood volgt.

In coma in 40 seconden, stuiptrekkingen, ademhaling stopt, dood volgt.

> 0 - 4% Bewusteloos, in 10 sec. dood.

Bewusteloos, in 10 sec. dood.

*Bij blootstellen aan 8 tot 10%:

  • Na 8 min. is 100% fataal
  • Na 6 min. is 50% fataal.

Gevaarlijke gassen

Er zijn brandbare gassen en giftige gassen, maar vele gassen bevatten beide eigenschappen. Deze gassen behoren niet in de omgevingslucht te zitten, en al helemaal niet in grote concentraties. Dit levert ernstig gevaar op.

1. Brandbare gassen en dampen Enkele voorbeelden zijn:

  • Brandbare gassen: methaan, acetyleen, butaan, propaan, LPG en waterstof
  • Brandbare dampen: van aceton, benzine, dieselolie, petroleum, stookolie en terpentijn.

2. Giftige gassen en dampen Enkele voorbeelden zijn:

  • Giftige gassen: koolmonoxide, stikstofdioxide en zwavelwaterstof
  • Giftige dampen: van ammoniak, styreen en chloor.

Gasconcentratie meten

Om de concentratie van gas te meten zijn er verschillende meettechnieken.

Meetmethode                       Waarden                   Gebruikt bij

1. volume percentage

0 - 100%

Met name bij zuurstof en brandbare gassen/dampen

2. procenten LEL (Lower Explosion Limet)

0 - 100% LEL

Alleen bij brandbare gassen/dampen

3. ppm (Parts Per Million)

0 - 1.000.000 ppm

Meestal bij giftige gassen/dampen

De relatie tussen volume percentage en ppm is:

0%

= 0 ppm

1%

= 10.000 ppm

10%

= 100.000 ppm

100%

= 1.000.000 ppm

Volume percentage

Dit wordt gebruikt om de hoeveelheid zuurstof aan te duiden. Veilige zuurstofwaarden liggen tussen de 19,5% (ondergrens) – 22% (bovengrens). Let op: de huidige instrumenten dienen minder dan 5% van de schaal te verlopen in een periode van een half jaar tijd. Zo loop je het minste risico.

LEL-waarden

LEL ((Lower Explosion Limet)) wordt gebruikt binnen het bereik van het volume. De laagste concentratie waarbij een gas of damp in lucht explosief is, 100% LEL. Bij de volgende stoffen ligt dit op "x" van het volume percentage:

Aardgas

5,0

Aceton

2,3

Acetyleen

2,3

Ammoniak

15,0

Benzine

0,6

Butaan

1,3

Chloor

-----

Dieselolie

0,6

Koolmonoxide

11,0

LPG

1,5

Methaan

4,4

Petroleum

0,7

Propaan

1,7

Stikstofdioxide

-----

Stookolie

1,5

Styreen

1,1

Terpentijn

0,8

Waterstof

4,0

Zwavelwaterstof

4,0

Explosiegrens verschilt per stof

Er moet rekening worden gehouden met een aantal bijzonderheden:

  • In de tabel hierboven zie je dat sommige gassen en dampen niet explosief zijn, maar ze zijn wel giftig. Stoffen als bijv. ammoniak, koolmonoxide en zwavelwaterstof zijn zowel giftig als explosief.

    • De hoogte van de onderste explosiegrens verschilt van stof tot stof. Ook speelt de gevoeligheid van het meetinstrument t.o.v. de verschillende stoffen nog een rol.

    • Hoe explosief stoffen kunnen zijn, is ook afhankelijk van de temperatuur en de benodigde ontstekingsenergie. Deze verschilt per stof dus pas op!

    • Kalibreer je meetinstrument op een relatief ongevoelige stof, zodat het instrument bij de andere stoffen eerder waarschuwt.

Ppm

Bij giftige gassen en dampen wordt de aanduiding ppm gebruikt. Veel voorkomende waarden zijn:

0 – 300 ppm

Koolmonoxide

0 - 10.000 ppm

Kooldioxide

0 - 100 ppm

Zwavelwaterstof

0 - 500 ppm

Ammoniak

Voorbeeldmeting zwavelwaterstof:  Op de meeste instrumenten is de schaal 0 - 100 ppm H2S. Het alarm is TWA afgesteld op 1,6 ppm H2S. Omrekenen naar het volume percentage, krijg je dan:

  • 1,6 ppm / 1.000.000 ppm = X volume% / 100 volume%

  • X = 1,6 ppm x 100 volume% / 1.000.000 ppm = 0,0016 volume%

De uitdrukking in volume percentage kan hier snel tot fouten leiden. Daarom wordt er dus ppm gebruikt om de concentratie aan te duiden.

Bron: Exoxtox.nl

Deel dit artikel

Wellicht ook interessant