Richtlijnen voor projectmanagement (ISO 21500)

ISO 21500:2012 geeft richtlijnen voor projectmanagement. Hierin worden concepten en processen beschreven die van invloed zijn op de projectvoortgang. Deze internationale norm kan gebruikt worden door elke organisatie en voor elk project, ongeacht complexiteit, omvang of duur.

ISO 21500:2012 is in eerste instantie bedoeld voor projectmanagers, projectteams, projectsponsors en ontwikkelaars van nationale of bedrijfsnormen om een beter inzicht te krijgen in de beginselen en aanpak van projectmanagement. Daarnaast helpen de richtlijnen hen om een gemeenschappelijke basis te vormen wat betreft hun projectnormen en aanpak.

Best practices

Ieder project is uniek. Toch is er veel te leren van voorgaande projecten. Als we succesvol willen ‘deliveren’, is het van belang dat onze werkwijze, ook in unieke projecten, gestandaardiseerd en reproduceerbaar is. Ieder project bestaat uit een unieke verzameling processen van gecoördineerde en gecontroleerde werkzaamheden met start- en einddata om de uiteindelijke projectdoelstelling te kunnen bereiken. Dit vereist een serie tussentijdse opleveringen die voldoen aan specifieke eisen. En hoewel de meeste projecten in eerste instantie veel op elkaar lijken, verschillen ze in:

  • opleveringen die worden gecreëerd;
  • de manier waarop processen worden aangepast om de opleveringen te creëren;
  • stakeholders die invloed hebben;
  • middelen die worden gebruikt;
  • de beperkingen;

De norm bevat dan ook best practises van concepten en processen en focust op:

  • het stimuleren van kennisoverdracht tussen projecten en organisaties voor een optimale projectuitvoering;
  • het faciliteren van efficiënte aanbestedingen door gebruik te maken van een consistente project management-terminologie;
  • het in staat stellen van de project managers om te werken in internationale projecten;
  • het bieden van universele principes en processen van projectmanagement.

Opbouw van een project

Daarnaast gaat de norm in op de projectopbouw. Zo wordt omschreven dat een project is opgebouwd rond 5 fases, procesgroepen genoemd, 10 subjectgroepen en 39 processen. De procesgroepen (Initiating, Planning, Implementing, Controlling, Closing) en subjectgroepen bevatten processen die van toepassing zijn op elke fase van het project. Deze processen moeten op passende wijze worden afgestemd en verbonden met andere processen. Sommige processen kunnen of moeten zelfs repetitief worden herhaald om ervoor te zorgen dat aan de eisen van de stakeholders kan worden beantwoord. De processen beschrijven welke managementproducten er moeten opgeleverd worden, wat het doel van elk managementproduct is en wat het moet bevatten, en welke activiteiten er moeten uitgevoerd worden.

Meer informatie

Kijk voor meer informatie over deze norm op nen.nl. U kunt tevens het document ‘ISO 21500:2012, Oriëntatie op projectmanagement’ opgesteld door Projectcommissie ISO/PC 236 ‘Project management’ bestellen.

Bronnen: iso.org en nen.nl