Menu

“Het wordt niet altijd gewaardeerd als er op de noodknop wordt gedrukt”

Het aantal arbeidsongevallen en beroepsziekten moet de komende jaren omlaag. Die conclusie trekt het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in het rapport Staat van arbeidsveiligheid ‘Iedereen veilige én gezonde werkplek’. Aanleiding is dat het aantal arbeidsongevallen de laatste jaren steeds verder oploopt. Bovendien eisen beroepsziekten jaarlijks duizenden slachtoffers.
 

Uit cijfers van de Inspectie SZW blijkt dat het aantal meldingen van een arbeidsongeval met 4 procent is gestegen van 4212 in 2017 naar 4368 in 2018. Dat jaar vielen bij 70 arbeidsongevallen 71 dodelijke slachtoffers, een stijging ten opzichte van de 54 dodelijke slachtoffers die vielen bij ongevallen in 2017. De meeste van deze fatale ongelukken vonden plaats in de sectoren bouw, vervoer en opslag, handel en industrie.
 
Het veiliger maken van machines en het borgen van arbeidsveiligheid in arbozorgsystemen had tot voor kort de meeste aandacht. Nu is het tijd om oom ook gedrag en cultuur op de werkvloer aan te pakken. Aldus een van de conclusies van de Inspectie SZW.
 

Machineveiligheid en arbozorgsystemen

“We hebben die twee zaken inderdaad al goed op orde”, bevestigt Sven Tump, directeur NCOI Techniek & Veiligheid. “Wat betreft machineveiligheid en arbozorgsystemen is Nederland wereldwijd een van de koplopers. Nu rijst de vraag, hoe je daarmee omgaat in je dagelijkse werk. Hoe zorg je ervoor dat het niet blijft hangen op de arboafdeling? Veel grote bedrijven met een hoger risicoprofiel, zoals de BRZO-bedrijven, zijn daar in veel gevallen nadrukkelijk mee bezig en hebben veiligheid al heel lang op nummer 1 staan. Daar zie je ook vaak de nieuwste ontwikkelingen. Maar als je naar de kleinere of dienstverlenende bedrijven in die sector kijkt, wordt het al heel snel wat minder. Dat geldt ook voor andere sectoren waar risico’s wat minder nadrukkelijk aanwezig zijn.”
 
Volgens Sven Tump is daar wel een verklaring voor. “Dat heeft te maken met tijd, met geld en ook wel met onwetendheid”, legt hij uit. “Een bedrijf met werknemers moet zijn bedrijfshulpverlening (BHV) op orde hebben, je RI&E (Risico-Inventarisatie & Evaluatie) goed hebben staan en een preventiemedewerker aangewezen hebben. Bij kleinere bedrijven zijn dat geen functies, maar rollen. En een rol heb je naast je andere activiteiten in je functie. Hoe kleiner het bedrijf, hoe kleiner die rol is. Maar ook in grotere bedrijven wordt veiligheid niet altijd volledig gedragen door management, wat medewerkers of teamleiders beperkt in de ruimte die ze ervaren om ten alle tijden veilig te werken.”
 

Voor een druk op de noodknop is lef nodig

“Het wordt niet altijd gewaardeerd als er op de rode noodknop wordt gedrukt. Is het veiligheidsrisico zo groot dat de productie stil moet worden gelegd? Wat dat betreft zit je soms in een grijs gebied”, aldus Tump. “Het heeft ook met lef te maken of je wel of niet op die knop drukt. Voor een kleine ondernemer kunnen de consequenties van een bijna incident of ongeluk zelfs met beperkte schade al rampzalig zijn. Dat leidt soms zelfs tot situaties dat men liever de misstanden niet meldt of zelfs verdoezelt, dan dit kenbaar maakt en maatregelen treft. Laatst bij een rechtszaak tegen en bouwbedrijf in Kerkrade ging het zelfs om het in scene zetten van een bouwplaats om de onveilige situatie maar de rapporten te houden. Dat gaat ver, heel ver.”
 
“En met risico’s op beroepsziektes is dat nog veel complexer”, gaat hij verder. “Dat zijn echt van die sluipmoordenaars. Ik geloof niet dat bedrijven de gezondheid van hun werknemers bewust in gevaar brengen, maar vaak is het achteraf, ‘met de kennis van nu’, pas duidelijk wat de gevaren zijn. De medewerkers zijn vaak al met pensioen als ze de gevolgen ervaren. We doen nu ook dingen waarvan in de toekomst misschien wel blijkt dat er gezondheidsrisico’s aan verbonden zijn.”
 

Voorkomen is de enige remedie

“Maar ik denk dat enige echte remedie die we echt hebben is: voorkomen dat je in die situatie komt. Daar moet je dan wel meer tijd, meer aandacht en ook wat meer geld aan besteden, maar zal uiteindelijk meer opleveren”, aldus Tump. “En dat heeft echt met veiligheidsbewustzijn te maken en een cultuur waarin je met elkaar naar een veiliger werkplek gaat.”
 
“Ik was vorige week op een veiligheidscongres en daar sprak een vrouw namens de Stichting Arbeidsongevallen. Zij was haar man verloren bij een ongeval bij het onderhouden van een ketel. Zijn collega wilde hem helpen en kwam daar ook bij om het leven. Dat is een aantal jaren geleden ook in het nieuws geweest. Tijdens de rechtszaak die daarop volgde deed zij iets wat ik heel knap vind. Zij accepteerde een lage schadevergoeding door niet verder te procederen, maar stelde een aanvullende eis. Dat het bedrijf verplicht werd om iets aan de veiligheidssituatie te doen en dat ze daar ook vijf jaar toezicht op mocht houden. De rechter heeft dat ook toegekend en het bedrijf is daarin meegegaan. Nu zijn ze drie jaar verder en is zij tevreden dat ze zo een verandering heeft kunnen bewerkstelligen die voorkomt dat andere mensen in de toekomst niet hetzelfde hoeven door te maken wat zij heeft doorgemaakt. Er is zelfs een wetsvoorstel in de maak waarmee rechters dat toezicht ook wettelijk kunnen afdwingen. Geweldig toch dat deze nabestaande de kracht heeft gehad om dit te bewerkstellingen.”
 

Nu is het tijd voor gedragsverandering

“Ik vind het ook mooi wat er in het voorwoord van het rapport staat: Na een eeuw waarin verbetering vooral werd gezocht in het veiliger maken van machines en het borgen van arbeidsveiligheid in arbozorgsystemen, is het nu tijd om ook gedrag en cultuur op de werkvloer aan te pakken”, citeert hij. “Daar kan ik het alleen maar 100% mee eens zijn. Die machineveiligheid en die procedures heb je keihard nodig als basis, maar nu gaat het om de volgende stap. En die gaat om ons, de mensen. Concreet heb je het dan over cultuurverandertrajecten. Daarvoor moet je weten hoe je een gedragsverandering bewerkstelligt.”
 
“Dat begint bij directie en management en gaat via lijnmanagement naar de mensen op de werkvloer”, legt Tump uit. “Mensen die zich bezighouden met het veiligheidsbeleid van een bedrijf zijn meestal (veiligheid)technisch geschoold en weten alles over veiligheid in relatie tot de bedrijfssector waarin ze werken. Maar zorgen dat iedereen daar ook goed mee omgaat vergt heel andere competenties. Daar willen wij het bedrijfsleven in faciliteren met een masterclass Verandermanagement in Veiligheidscultuur. In die masterclass koppelen we veiligheidskundige thema’s aan kennis en kunde uit een professionele Master Verandermanagement. Het beste van beide werelden gecombineerd in een concreet programma. Met als insteek echt impact te hebben als verantwoordelijke voor deze belangrijke cultuurstap in het veiligheidsbeleid binnen organisaties.”

Deel dit artikel

Wellicht ook interessant

Studiegids NCOI

Vraag de studiegids aan

Wil je nog beter worden in je werk? Doorgroeien naar een hogere functie? Of ben je toe aan een carrièreswitch? Als de grootste opleider van werkend Nederland bieden wij opleidingen op ieder niveau in vrijwel elke branche. Dankzij onze maximale flexibiliteit, praktijkgerichte opleidingen, topdocenten uit de praktijk en leslocaties door heel Nederland is er altijd wel een opleiding die bij jou en jouw situatie past. Vraag nu de gratis studiegids aan.

Klassikaal, virtual classroom, e-learning en switchgarantie NCOI

Kies je eigen opleidingsvariant

Als grootste opleider van werkend Nederland begrijpen wij als geen ander dat een opleiding volgen in je leven moet passen. Daarom kun je bij NCOI Opleidingen kiezen uit verschillende opleidingsvarianten: Klassikaal, Virtual Classroom en E-learning. Je kunt klassikale bijeenkomsten volgen op een leslocatie, via de computer live les krijgen van een docent of op je eigen tempo studeren wanneer het jou uitkomt. Er is altijd wel een opleidingsvariant te vinden die bij jou past. En met onze unieke switchgarantie kun je moeiteloos en zonder extra kosten veranderen van opleidingsvariant.

Contact NCOI

Opleidingsadvies op maat?

Onze deskundige opleidingsadviseurs zijn telefonisch bereikbaar van maandag t/m donderdag van 08.00 tot 18.00, op vrijdag van 08.00 tot 17.00 en via WhatsApp op werkdagen tussen 10:00 en 16:00.