Lak aan veiligheid

Veel bedrijven in de chemiesector nemen het niet zo nauw met de veiligheid.
De wet- en regelgeving op dat vlak is nogal complex en weerbarstig, maar dat zou natuurlijk geen excuus mogen zijn. Dat vindt ook wetenschapper Marieke Kluin van de Technische Universiteit in Delft. Zij promoveerde onlangs op een onderzoek naar regelnaleving en -overtreding in de chemische industrie in het Rijnmondgebied, en de handhaving van de Brzo-regelgeving door inspecteurs. De resultaten zijn niet mals. De veiligheid blijkt niet zelden in gevaar.


Besluit risico’s zware ongevallen
In de regio Rijnmond zitten de meeste bedrijven in ons land die vallen onder de werking van het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 (Brzo). Het gaat dan om bedrijven die vanwege de aard van hun processen en producten een risico vormen voor de omgeving, en daarom een robuust veiligheidsbeleid moeten voeren. In haar proefschrift getiteld Optic Compliance onderzocht Marieke Kluin de wisselwerking tussen inspecteurs en Brzo-ondernemingen. Hiervoor liep zij mee tijdens 19 fysieke inspecties bij 15 bedrijven in het Rijnmondgebied.
 
Van kwaad tot erger
De conclusies van het onderzoek liegen er niet om. Uitgaande van haar bevindingen deelde Kluin de 15 geïnspecteerde bedrijven in in 4 categorieën. 

  1. De maatschappelijk verantwoorde ondernemers die veiligheid op alle niveaus goed verankeren in hun bedrijfsvoering: 4 bedrijven kregen dit label, al lieten ook zij soms kleine steekjes vallen.
  2. De ‘onfortuinlijke’ ondernemingen, bedrijven die niet beschikken over de financiële middelen of kennis om de veiligheid conform Brzo-normen up-to-date te houden: 1 bedrijf.
  3. De ‘roekeloze’ ondernemingen die onwetend of onverantwoord handelen en het nut van wet- en regelgeving niet inzien: 6 bedrijven.
  4. De ‘calculerende’ ondernemingen die de veiligheidsregels bewust omzeilen, vaak om bedrijfseconomische redenen: 4 bedrijven. 

Kluin vindt deze resultaten zorgwekkend. Als je bedenkt dat maar 4 op de 15 onderzochte bedrijven de zaakjes op orde hebben (en dan vaak ook nog niet helemaal),  dan is de veiligheid gemiddeld ver te zoeken. Vanaf de tweede categorie loopt het gevaar alleen maar op: het gaat van kwaad tot erger. Tel daarbij op dat de ergste gevallen het sterkst vertegenwoordigd zijn (categorie 3 en 4), en je hebt reden genoeg om Kluins zorg te delen.
 
Veiligheid in gevaar
De ‘roekeloze ondernemingen’ zijn gevaarlijk, maar de ‘calculerende ondernemingen’ vormen volgens Kluin nog wel het grootste gevaar voor de omgeving. “Deze bedrijven zien overheidsinspecteurs vooral als lastige bemoeials van buiten en werken uitsluitend reactief. Ze reageren wel met maatregelen ná incidenten, maar zullen niet op eigen initiatief proactief beleid voeren om risico’s te minimaliseren,” aldus Kluin. Illustratief voor deze risicovolle gang van zaken is de letterlijke uitspraak van een manager die Kluin tijdens een inspectie hoorde.  “[Deze manager zei:] ‘Wij ondernemen alleen actie als we daartoe door de overheid worden gedwongen.’ De vier bedrijven die ik ‘calculerend’ noem, zijn stuk voor stuk grote ondernemingen met meer dan 250 medewerkers. En soms al een lange staat van dienst op handhavingsgebied, in de vorm van ernstige overtredingen en ook zware sancties.”
 
Pak veiligheid integraal aan
Het voorkomen en beheersen van risicovolle situaties is van groot belang. Voor jou, voor je omgeving, voor je bedrijf. Wil je het professioneel aanpakken? Verdiep je dan bijvoorbeeld in het vakgebied van de Integrale Veiligheid. Je houdt je daarbij bezig met complexe vraagstukken op het gebied van safety, security en informatiebeveiliging binnen organisaties. Daarnaast buig je je over veiligheidsissues in de publieke ruimte, waaronder criminaliteit, overtredingen, overlast, rampen en crises. Door de complexiteit van het vakgebied is een multidisciplinaire aanpak vaak noodzakelijk. NCOI Techniek biedt jou zo’n aanpak met een ruim aanbod aan opleidingen op het gebied van Integrale Veiligheid.
 
Bron: Arbo-online